13 juli 2010

Onbevlekte ontvangenis

In de inleiding op Beleving van het Evangelie schrijft Kaiser het volgende:

Dat LAM (of Kind) is JEZUS, namelijk JEHOSHUA, Gods Redder of Gods Redding, of God Redt, en die daarom voor elk van ons De Redder wordt.
Die in de mensenziel verwekt wordt, als zij tegen de methode dezer aarde revolteert (Maria-Miriam-opstandig) en daardoor 'waardig' wordt bevonden om te worden 'overschaduwd' door de Kracht van God (Gabriel).
Die opgroeit en te goeder ure de behoedzaamheid der 'maagd' ontstijgt. Die zich laat 'dopen' door den Doop die God door 'Zijn Genadige Geschenk' verricht.
Die door de werking van den Geest niet slechts het duistere Egypte, als den Kudde-slaap verlaat, maar die ook heengaat uit de ideaal-opdwinging van den Massa-droom, die het eindeloze dolen naar een Ideaal, dat nooit bereikt kan worden, daar het zich verandert door het 'anders'-worden van den zoeker die het projecteert.
En de Cursus belicht de symboliek van dit verhaal ook op haar eigen wijze:

Welk gevaar kan de volkomen onschuldigen belagen? Wat kan de schuldelozen aanvallen? Welke angst kan de vrede van de zondeloosheid binnendringen en verstoren? Wat jou is gegeven, zelfs in een pril stadium, staat ten volle in communicatie met God en met jou. In volmaakte veiligheid houdt het in zijn kleine handjes ieder wonder naar jou uitgestrekt dat jij verrichten zult. Het wonder van het leven is leeftijdloos, in de tijd geboren, maar gevoed in de eeuwigheid. Kijk naar dit kindje, aan wie jij een rustplaats gaf door je broeder te vergeven, en zie in hem de Wil van God. Hier is het kind van Bethlehem herboren. En ieder die hem onderdak verleent zal hem volgen, niet naar het kruis, maar naar de opstanding en het leven. (ECIW:T19.c.i.10) 
Het horen en verstaan van de parabelen waarin Jezus tot ons spreekt omvat dus zijn hele aardse bestaan, want die onbevlekte ontvangenis symboliseert dus iets wat in de wereld als vorm verschijnt, en toch duidelijk niet van deze wereld is. "In de tijd geboren, maar gevoed in de eeuwigheid." Er is maar een denkgeest, en er is maar een Zoon van God. In ons leven in de ballingschap in Egypte, de wereld van tijd en ruimte, en slavernij aan het Ego (Pharao), ervaren wij alles in veelvoud omdat veelvoud nou eenmaal de aard is van onze ervaringswereld die wij onderhouden dankzij het nietig dwaas idee. De terugweg is dus de weg naar het beloofde land (OT:Exodus), of wel de weg van Jezus te volgen naar zijn Koninkrijk dat niet van deze wereld is (NT), dan wel (Cursus) het aanvaarden van de verzoening voor onszelf: de reis zonder afstand naar een doel dat nooit veranderd is (ECIW:T8.6.9:7). Het is de terugweg uit de veelheid naar de eenheid.

Zo is het Heilig Ogenblik dat ons geboren wordt, indien en wanneer wij werkelijk kiezen voor de Heilige Geest, en wat ons alsdan gewordt is dus niet belast met het moeizame werk voor het beetje brood dat wij ons in deze wereld bij het zweet onzes aanschijns trachten te verwerven, en is een reflectie van die keuze voor eenheid in de schijnbare meervoudigheid van 'persoonlijke', 'individuele' ervaringen. De Cursus maakt daarbij duidelijk dat elk zo'n moment door de Heilige Geest veel verder wordt uitgebreid dan wij ooit ook maar kunnen vermoeden. En zo is het geinspireerde idee, dat ons geboren wordt als wij werkelijk naar de Heilige Geest luisteren, dus ook een onbevlekte ontvangenis. Het wordt geboren zonder het gewone aardse 'gedoe' dat met de ontwikkeling van een idee gepaard pleegt te gaan binnen de context van wat ons ego voor ons 'denken' verslijt. Zo maakt echte inspiratie dus ook niet moe, het zij dan dat er nog ego weerstand in ons is, die het ons dan zeer moeilijk zal maken maken, en moeheid is zeker vaak een ego weerstand.

Deze ervaringen geworden ons naarmate wij die andere keuze leren maken, want beslissingen met de Heilige Geest, komen niet met een belasting uit een verleden in deze wereld, die uiteindelijk altijd alleen maar schuld en zonde inhoudt, als wij met het ego beslissingen nemen, want in alle ego beslissingen zit de hele onzaligheid van de afscheidingsgedachte weer ingebakken. Zij worden spontaan gewekt schijnbaar uit het niets, en zo is dus de 'onbevlekte ontvangenis' van het Heilig Ogenblik zo'n smetteloos geboortemoment dat wij geleidelijk aan meer en meer leren te herkenen, tot het het enige wordt dat wij nog willen, in het aanvaarden van de verzoening voor onszelf.

Rogier F. van Vlissingen

09 juli 2010

Ontwaken in Liefde, door Margot Krikhaar

Zomaar ineens een nieuw boek, een nieuwe auteur, en een nieuwe uitgever op het Nederlandse toneel... InnerPeace Publications, met het boek Ontwaken in liefde, de veelbelovende eersteling van Margot Krikhaar. Het kan niet op. En dat is natuurlijk ook de boodschap van het boek. God's liefde kan niet op, wij zijn alleen soms wat langzaam met het ontvangen ervan, omdat onze orientatie in deze wereld van God afgewend is, maar gelukkig is er een leraar die ons de weg terug wil wijzen.

Leren luisteren is nog wat anders, en het beste wat wij voor onszelf kunnen doen is niet onze weerstand te onderschatten, en in tegendeel steeds beter en dieper te gaan begrijpen hoe waanzinnig diep die weerstand zit, en waarom, namelijk omdat onze vermeende identiteit - het valse ik van onze sterfelijke persoonlijkheid - ervan afhankelijk is. Een fenomeen als de Cursus (Een cursus in wonderen), is er om ons te helpen die eerlijkheid te herwinnen, en tegelijk om te leren in onszelf en anderen die afkeer van God te gaan vergeven, als wij eenmaal eerlijk kunnen zien waarom wij God niet liefhebben. Dus de enige manier om ons tot God te keren is om ons af te keren van de afkeer die ons eigen lijkt, en dat gaat gepaard met een vaak moeizame weg, omdat het ego eenmaal op zelf-bevestiging, zelf-handhaving, en verdediging is gericht, en de alomvattende liefde van God alweer niet gelegen komt.

We kunnen dus ook niet ver komen in spirituele groei zolang we onszelf wijs blijven maken hoe vreselijk spiritueel we eigenlijk wel zijn. Dat blijken allemaal nog meer geraffineerde deklagen en verdedigings mechanismen van het ego te zijn. De enige weg uit dit doolhof der zinnen, waarvan wij denken dat het ons leven zin geeft, is het licht te volgen dat in de Westerse traditie als Jezus wordt benoemd. Maar wat betekent het om hem te volgen? En hoe kunnen wij hem kennen buiten de diverse verhalen, en vaak hopeloos verminkte tradities?

Margot Krikhaar beschrijft heel duidelijk haar eigen relatie tot Jezus, van heel vroeg af aan, en hoe die zich op een goed moment werkelijk begon te ontwikkelen nadat zij Een cursus in wonderen als handleiding had ontdekt. In dit uiterst indringende en persoonlijke boek deelt zij met ons haar ervaringen met het daadwerkelijk leren volgen van die Innerlijke Leraar die in de Cursus vertegenwoordigd is, maar die wij kunnen herkennen omdat wij hem eigenlijk altijd al kenden. Al met al heeft dat niets met theologie, maar alles met innerlijke eerlijkheid te maken, een eerlijkheid die geboren wordt uit eigen ervaring, met bereidheid om onze eigen oordelen in te ruilen voor de zijne. En zijn oordeel is nooit een veroordeling maar altijd vergeving, mildheid, en zachtheid, waardoor wij uiteindelijk het vertrouwen gewinnen om ons meer en meer aan die leiding toe te vertrouwen terwijl ons egootje maar blijft schreeuwen dat er zo niets van ons terecht zal komen.

Steeds schriller wordt die stem van die boze stiefmoeder die haar macht moet verliezen, omdat haar alle legitimiteit ontbreekt. Voor Margot lost het zich uiteindelijk op in een zwerm van mestvliegen die nergens meer terecht kunnen, en nog als flarden van gedachten een poosje rondzoemen terwijl innerlijk de keuze al gemaakt is. Haar verhaal is een pad tot ons Zelf, een pad naar huis, dat een ieder anders zal beleven, en hoewel ons individuele verhaal dus anders zal lopen in de vorm is het uiterst behulpzaam als iemand dit soort directe ervaringen met ons deelt.

In de context van de wederwaardigheden van de Cursus betekent dit boek ook eigenlijk dat de Cursus eindelijk in Nederland is aangekomen. Interessant genoeg gebeurt dit juist in het jaar van het overlijden van de oorspronkelijke uitgeefster van de Cursus in het Nederlands, Nicole de Haas. Ook daar zat weer een heel verhaal aan vast, want de Cursus veroorzaakte bij Ankh-Hermes ook wel enige deining, al was het alleen maar omdat hij binnen de korste keren na zijn verschijnen een omzet van een miljoen haalde, terwijl het tijdens de lange en moeizame voorbereiding nog wel eens een hachelijke zaak had geleken. Nu er dus een werkelijke inhoudelijke introductie tot de Cursus van Nederlandse bodem is, signaleert dat toch wel een nieuwe faze waarin de daadwerkelijke practijk waarop de Cursus gericht is meer aan de orde gaat komen.

Rogier F. van Vlissingen

05 juli 2010

De Leer van Jezus

Voor mijzelf is het altijd het duidelijkst geweest om bijvoorbeeld Kaiser's werk te zien als een wegwijzer naar de leer van Jezus. Het kan je meer of minder aanspreken, hij was een product van plaats en tijd, en in zekere zin ook nog een van die negentiende eeuwse zielen die in de twintigste eeuw verdwaald leek te zijn, want zelfs tijdens zijn leven en schrijven was zijn taalgebruik voor velen té moeilijk en té archaisch. Echter voor wie leert naar de inhoud te luisteren, en de poëtische kracht van het oeuvre kan waarderen is het een zeer heldere inleiding in de leer van Jezus.

Steeds weer ontwaakt toch dit verlangen naar het terugkeren tot de oorspronkelijke leer van Jezus. Het was de inspiratie voor Erasmus, en zijn nieuwe (latijnse) Bijbel vertaling, waarin hij zocht de oorspronkelijke text meer eer aan te doen dan de dogmatisch gekleurde Vulgaat van Hieronymus. Het was de inspiratie van Luther in zijn poging om de Bijbel in het Duits te vertalen. Het was de inspiratie van Thomas Jefferson, die het met het Christendom helemaal niet op had, en zijn The Life and Morals of Jesus of Nasareth, (ofwel The Jefferson Bible) organizeerde door terug te gaan tot de oorspronkelijke uitspraken van Jezus in het Nieuwe Testament, en de verpakking in de verhaal trant van de synoptici naast zich neer legde. De resterende collectie uitspraken had ongeveer een 75% overeenkomst met de uitspraken van Jezus die later in het Thomas Evangelie weer opdoken. In de twintigste eeuw was er dus de herontdekking van het Thomas Evangelie, en via het werk van Gary Renard kwam er een zeer verhelderende aansluiting tussen het Thomas materiaal en Een Cursus in Wonderen tot stand, wat in verband gezien weer een verdere verdieping gaf van het verstaan van de leer van Jezus, in tegenstelling tot wat de wereld van hem maakte door hem te her-interpreteren.

Via Een Cursus in Wonderen komt verder de nadruk te liggen op het feit dat de leer van Jezus niet in een boek te vangen is, maar dat een boek ons wel op weg kan helpen. Het echte werk ligt echter in het aangaan van onze eigen relatie met deze innerlijke leraar, die in de Westerse traditie Jezus heet. In de context van Kaiser's werk was het vooral via zijn samenwerking met Mej. Hofmans dat deze noodzaak ook werd overgedragen, in die zin dat zij altijd mensen duidelijk maakten dat wij allen te allen tijde om Hulp konden vragen, indien wij maar ónze condities wilden laten varen, en Jezus niet tot Sinterklaas reduceren.

Rogier F. van Vlissingen