Bijdragers

14 oktober 2009

De Poort

In 'Inwijding' (J.W. Kaiser uit: Mysteriën van Jezus in ons leven), spreekt Kaiser over 'Inwijding' als het binnengaan en binnengeleid worden.
In dit proces van transformatie van 'de Tijdsbeleving in de Eeuwigheidsbeleving' (JWK Inwijding blz. 19) moeten de door ons opgeworpen obstakels weer opgeheven worden.
Hij beschrijft dat als volgt in prachtige symbolische taal:  
Daar moeten wij juist leren in het ongevormde zwevende te zijn temidden van de ongetelde kras-aanmatigende vormen. Zodat voor alle mysten Vormgeving en Vormverbinding onophoudelijk de Judas is, datgene wat de in ons tot leidende gestalte gekomen zoon van God voortdurend "overlevert" aan de vele machtsinstanties van het God-trotserende, tijdsgeboren Ik. De Hogepriester met zijn overpriesters, schriftgeleerden, pharizeeërs, samenspannend met de barbaarsheid van Herodes (wellust) en het geweld (Rome) verkocht verstand (Pilatus). Niet om determinering of het kennen dier symbolen gaat het, maar om de voldoening aan die onverbiddelijke eis.' (JWk Inwijding blz. 19)
Dit zegt eigenlijk hetzelfde als wat ik zie en ervaar de laatste tijd, alle zogenaamde blokkades die de ego-denkgeest ('het God-trotserende, tijdsgeboren ik'. JWK) op heeft geworpen en opwerpt ten einde dat wat ik werkelijk ben aan het oog te onttrekken, symbolisch als 'poorten'. De poorten die ik pas als zodanig kon zien, toen de vraag oprees: 'er moet een andere manier zijn'.

Dan kan het proces van 'binnengaan en binnengeleid' worden beginnen.

Ineens werd de grauwe sluier van een stuurloos voortgesleept worden door de schijnbaar willekeurige chaos van de ego-denkgeest, opgetild en zag ik de poorten waardoor gegaan moet worden ten einde te kunnen binnengaan, voor me opdoemen één voor één.
En begreep ik plotseling dat altijd aanwezige Verlangen een verlangen dat ik leven(s)lang vruchteloos trachtte te stillen in de voor mij tot dan toe enige zichtbare wereld. Het bleek het diepe Verlangen naar de Liefde van God.
Ook weer prachtig beschreven door JWK: 
Zo komt de Wachtende die weet, dat wij ons herhaaldelijk vergeven aan gestalten van de Tijd, maar dat wij toch niet zijn gehuwd; dat wij als hunkerende vrijgezellen ons "bevestigen" aan deze en aan gene, tot wij uiteindelijk de eeuwige Geliefde vinden, in Wie alle hunkering verstilt' (JWK Inwijding. blz.20 )
Dat wat 'Inwijding' wordt genoemd is eigenlijk niets anders dan het weer terugkeren naar God, naar Huis, zoals in het verhaal van de verloren zoon wordt beschreven. Terwijl in werkelijkheid niets of niemand ooit maar de Eénheid heeft kunnen verlaten. Het is slechts een droom van afscheiding een waangedachte, 'een nietig dwaas idee' zoals ECIW dat noemt. (ECIW T27.VIII.6:2)
Hieruit volgt het onvermijdelijk gevolg dat terugkeer voor elke schijnbaar afgedwaalde, afgescheiden denkgeest 'verplicht is', onontkoombaar, zoals in de Inleiding van ECIW staat: 
Dit is een cursus in wonderen. Het is een verplichte cursus. Alleen de tijd waarop je hem doet staat jou vrij. (ECIW. Inl. 1)
Verlossing is onvermijdelijk, maar wij moeten zelf de bereidwilligheid tonen het te willen. Ook dit kom ik in 'Inwijding' van JWK tegen:

Op iederéén rust deze blik, en "waar ook maar de kleinste "aanvang" wordt geboren in een leed-geploegde, met Verlossingszaad bezaaide, wordt onmiddellijk handreiking gedaan. (..)
Zelfs de geringste Inzet die wij mensen doen als innerlijk bereid-zijn, niet door ons omschreven of bestemd, in argeloos vertrouwen, wordt ontvangen en beantwoord van omhoog.. (JWK Inwijding blz.20.
 Als dan de keuze is gemaakt en de bereidwilligheid er is, ervaren is dat er een andere manier moet zijn (ECIW) dan dit lijden, tot inzet voor het heilige bereid (JWK) dan is een mens aannemelijk als Neophiet, toegankelijk voor de Meester. (JWK Inwijding blz.21) 
en dan: 
Dit is de status van de ziel waarover Jezus Christus zich ontfermt, de zieletoestand waarin een mens bereid is de leiding uit handen te geven, niet meer aan een mens of groep van mensen, of een door mensen opgericht instituut, maar aan God. Zo klopt een mens zonder het te weten aan de Poort der Inwijding, niet door te hunkeren naar kennis van geestelijke dingen; niet door te streven naar persoonlijke vervolmaking, niet door enige wens te groeien of te stijgen, beter, schoner of machtiger te worden, verwerft een mens toegang tot deze Poort. Maar in ontgoocheling, in vertwijfeling, in onmogelijk verder kùnnen meedoen aan de waanzinnige strijd om zelfbehoud en zelfverheffing, in algehele opgeving van welke illusie-najaging dan ook. Want daardoor alleen laten wij de waanschema's van zelfvervulling los, die ons binden aan eendere bevangenen en bereiken wij de mogelijkheid van het Zoonschap. Zo klopt een mens aan zonder het te weten, en de Poort gaat open, zonder dat hij het ziet. Want elke Inzet van bereidheid tot het onbekende, niet op zelfvoldoening gerichte, geeft als reflex Oproep. Deze Oproep is het antwoord van omhoog, een uitnodiging om te zijn en te doen. Die Oproep bestaat uit ons dan toegezonden Tijdsgebeuren dat wij niet doorzien. In dit Tijdsgebeuren wordt nauwkeurig toegediend, wat dienstig is om los te maken van onze fatale bindingen en in het "staan" te midden van deze doorziene figuur, Gaan wij het Pad. Uit het Gaan resulteert enige vermindering van onze "blindheid' . Uit het Gaan resulteert dus enig Zien. (JWK Inwijding blz. 21/22)
Dan kan het proces van het Pad gaan (JWK) of het volgen van Jezus en of de Heilige Geest, zoals ECIW het merendeels noemt, aanvangen. Aan de Hand van Jezus en of de Heilige Geest leren we de blokkades die tegen de Liefde van God zijn opgeworpen herkennen en loslaten, vergeven. Een meestal onvermijdelijk als pijnlijk ervaren pad, immers lang gekoesterde overtuigingen mogen nu worden losgelaten en vergeven. Totale overgave is geboden in deze woestijngang (JWK Inwijding blz. 23)

En de "Inwijdeling" toont alleen bereidheid hij "hoeft niets te doen" integendeel elke bemoeienis of inmenging verstoort en remt het proces alleen maar af en moet als niets anders worden gezien dan de verdediging van de ego-denkgeest. Alertheid is dus geboden en deze verdedigingen moeten worden gezien voor wat ze zijn aan het licht gebracht en ook weer vergeven. Niet geanalyseerd, afgewezen, gekoesterd, maar overgegeven aan Jezus en of de Heilige Geest, Zij die ons voorgaan.
Het analyseren, willen begrijpen, wetenschappelijk benaderen, of er een of andere theologie tegenaan gooien is alleen maar het dralen voor de Poort. Is dralen in tijd en ruimte. De Poort alle aandacht geven en niet het erdoorheen gaan. De Poort zien als doel, door deze nog eens even lekker opfrissen door een nieuw verfje te geven of, op te poetsen tot het koper weer glimt, misschien nieuw hang en sluit werk, extra verstevigen, misschien en klein kijkgaatje erin aanbrengen of een brievenbus, is niets anders dan alleen maar het verbergen van de angst er niet doorheen te willen gaan.
of zoals JWK het verwoord: 

Realisatie in de tijd is het grote obstakel. Toch is ontkenning van tijdswaarden als "obstakel" zelf ook weer een obstakel. De schijnbare wreedheid van tijdswaarden is resultaat van miskenning van tijdswaarden als obstakel.
Ons denken tracht het eeuwige te vatten en is daarom zelf beletsel voor nadering en toelating van het eeuwige in de mens. Het uit drang naar zelfbehoud geboren denken is volkomen in de ban van het verleden. Het kan daarom nooit de gids of baanbreker zijn in het nog niet beleefde. (JWK Inwijding blz. 28)
Ik heb de Poort leren zien als Kans, een kans om terug te keren naar Eenheid, naar God. Door de blokkades van de ego-denkgeest te onderkennen, aan het licht te brengen, worden ze kansen om weer terug te herinneren wat ik werkelijk ben: Geest en één in God.Door ze aan Jezus en of de Heilige Geest te geven gaan ze werken als hulpmiddelen, als sleutels die de Poort ontsluiten. Zo wordt elke ervaring een keuze moment, kiezen voor de ego-denkgeest of voor de Heilige Geest Denkgeest.Over het niet zelf doen, maar het Overlaten staat in een van de Logia, die door Margaretha Hofmans werden doorgegeven, en in dit hoofdstuk zijn opgenomen:  
Indien al de schroeven van kwaadaardigheid vaster liggen dan zo oorspronkelijk lijkt, dan behoeft de leerling zich daar niet over te bekommeren, omdat dit het werk is van de Timmermanszoon. En zijn hand is sterk, en vooral onwrikbaar,
De keuze tussen de ego-denkgeest of de Heilige Denkgeest zal ik wel zelf moeten maken, een keuze gemaakt binnen de specifieke persoonlijke ervaringen. Geen theoretische keuze maar een doorleefde keuze door de persoonlijke ervaring heen. En uiteindelijk de volledige Verzoening aanvaarden voor mijzelf. Dan zal de Poort zich openen en volledig verdwijnen, dan zal blijken dat er geen Poort was en is en zal zijn. Dan vallen begin en einde volledig samen.


Annelies Ekeler

1 opmerking:

  1. Dank, dank, voor deze inspiratie. Elke keer opnieuw ervaar ik de verrijking die mij gewordt door jouw ontdekkingsreis in het werk van Kaiser, wat het dan prompt ook voor mij weer verdiept.

    Het is steeds weer opvallend hoe begrippen uit Kaiser in de Cursus terugkomen en omgekeerd, en hoe verschillend de bewoording ook zijn moge, in het onderkennen ligt dan een steeds diepere innerlijke herkenning besloten. In het bovenstaande viel mijn oog vooral op Kaiser's verwoording van wat de Cursus "een beetje bereidwilligheid" noemt. Tot je er midden in zit, en het onder ogen krijgt, onderschatten wij steeds hoe waanzinnig de weerstand van het ego is, en hoe wij eigenlijk alleen maar bereid hoeven te zijn om het ego in twijfel te trekken, om alsdan werkelijk om Hulp te vragen, en het ook nog te menen. Niet de deur meer a priori dichtgooien helpt al geweldig...

    BeantwoordenVerwijderen